Druk deze pagina afPrint deze pagina

Erken hun werkelijkheid

Gebeurtenissen vertellen die nooit hebben plaatsgevonden, praten alsof het verleden heden is. Wat doe je als iemand met dementie fantasieverhalen vertelt? Corrigeren of juist meepraten? 

‘Bij dementie ontstaan steeds meer hiaten in het geheugen. Mensen met dementie willen echter, zoals iedereen, ervaringen delen. Daarom vullen zij ontbrekende informatie op met fictie’, vertelt Karin Wildöer, gespecialiseerd verpleegkundige bij Dementieteam Omring Thuiszorg in Enkhuizen.

Details die niet kloppen

Soms kloppen slechts enkele details in een verhaal niet, zoals een jaartal of plaatsnaam. Als de dementie zich verder ontwikkelt, worden de verhalen steeds ongeloofwaardiger. Bovendien treden in die fase soms ook wanen en hallucinaties op.  Wildöer: ‘Wanen zijn gedachtes die niet kloppen, zoals de overtuiging dat de buurvrouw geld steelt. Bij hallucinaties ziet of hoort men niet-bestaande personen, voorwerpen of geluiden.’

Angstig of niet

Hoe ga je als mantelzorger om met een verzonnen verhaal, hallucinatie of waan? Volgens gespecialiseerd verpleegkundige Wildöer hangt dat sterk af of iemand er wel of niet angstig door wordt. ‘Als een waan iemand blij maakt, is er niets verkeerds aan om daarin mee te gaan. Dat doe ik ook regelmatig. Pas geleden bezocht ik een vrouw. We dronken samen koffie en ze verzocht mij om de man naast me ook in te schenken. In werkelijkheid zat er niemand naast me. Ik heb gezegd dat de man al koffie had gehad. Ze knikte tevreden.’

Negatieve wanen

Het is volgens Wildöer een ander verhaal als de hallucinaties of wanen negatief zijn. ‘Dat is lastiger. Want als je daarin meegaat, vererger je mogelijk de achterdocht of angst. Als iemand echt gelooft dat de buurvrouw haar besteelt, kun je niet zeggen: “Dat klopt, dat doet ze.” Een beter antwoord is: “Ik begrijp dat u boos bent, maar ik heb niets gezien”. Of het geld tonen en zeggen: “Kijk! Alles zit nog in uw portemonnee”.’ Een goede zinvolle dagbesteding vermindert volgens Wildöer wanen en hallucinaties en neemt onrust weg doordat de hersenen meer indrukken krijgen.

Naar huis

Een veelvoorkomend verschijnsel bij beginnende dementie is dat mensen verleden en heden door elkaar halen. Angelique Vlaar, coördinator zorg Jonkerszorg Woonzorgboederij in Hoogwoud ziet regelmatig hoe bewoners spullen uit de kast halen en de tas inpakken om weg te gaan. Vlaar: ‘Mijn reactie hierop varieert per bewoner en per fase van de dementie. Soms breng ik iemand terug naar de realiteit door zijn kamer te tonen en te zeggen dat hij hier al jaren woont. Of ik praat mee en leid af: “Het is al donker, wil u niet eerst mee-eten voordat u vertrekt?”’

Niet corrigeren

Vlaar: ‘Na het eten is de wens om te vertrekken alweer vergeten. Door dit antwoord voorkom je een strijd over wie wel of niet gelijk heeft. Het is zo belangrijk om de ander niet te overtuigen van jouw gelijk.’ Wildöer voegt daar nog aan toe: ‘Hoe ongeloofwaardig ook, neem alles serieus. En corrigeer niet. Het maakt mensen boos en verdrietig als zij telkens horen dat hun verhaal niet klopt. Door hun beschrijving te accepteren en deels daarin mee te gaan, erken je hun werkelijkheid.’

< Terug naar home
Deel deze pagina